21-07-2017

‘Happy end’ met een rouwrandje

Germaine en Amini – een getrouwd stel uit Congo – werden gedwongen het land los van elkaar te ontvluchten tijdens de burgeroorlog die in 2007 begon. Na jaren kwamen zij elkaar tegen tijdens een kerkdienst in een vluchtelingenkamp in Noord-Uganda. ‘Happy end’ zou je zeggen, maar Germaine was intussen op een gewelddadige manier verkracht en van haar verkrachter zwanger geraakt.

Germaine heeft vreselijke dingen meegemaakt, ze vertelt het mij schijnbaar onbewogen tijdens mijn bezoek aan het vluchtelingenkamp in Kiryandongo. Het energie- en lichaamswerk dat Zuster Judith hier heeft geïntroduceerd, heeft geholpen haar trauma’s dragelijk te maken. Mensen met een Missie steunt de projecten in dit kamp.

Germaine vertelt dat zij en Amini van verschillende Congolese stammen zijn, Amini is Hunde en Germaine Tutsi. “In 2007 ontstond er een oorlog tussen onze stammen en Amini moest als eerste het land ontvluchten,” aldus Germaine. “De Hunde werden verjaagd en mijn familie accepteerde hem niet meer. Ik bleef met onze drie kinderen achter, maar moest Congo twee jaar later ook verlaten vanwege het aanhoudende geweld.”

Gewelddadige verkrachting

In Noord-Uganda waande Germaine zich lang veilig in een vluchtelingenkamp. Tot op een avond een mannelijke Congolese vluchteling haar in haar huis overviel. Germaine: “Ik werd verkracht en ernstig mishandeld. Tot op de dag van vandaag heb ik daar nog lichamelijke klachten van. Uiteindelijk vond een buurman mij, maar toen was het al te laat. De man was gevlucht.” Tot overmaat van ramp raakte Germaine zwanger van haar verkrachter.

Het inmiddels achtjarige meisje is bijzonder genoeg haar oogappel. “Wat er ook is gebeurd, ik hou echt ontzettend veel van haar,” zegt ze liefdevol.

Germaine met haar baby

‘Happy end’ met een rouwrandje

Dat Germaine en Amini elkaar tijdens een kerkdienst in het vluchtelingenkamp in Kiryandongo voor het eerst sinds jaren weer zagen, mag een wonder worden genoemd. Er leven namelijk meer dan 50.000 vluchtelingen. Het werd een ‘happy end’, maar wel eentje met een rouwrandje.

Amini hoorde van de verkrachting en dat Germaine een kind van de man had. Germaine: “Amini wilde in eerste instantie niet bij mij terug. Hij kon er niet mee leven en wilde mij eerst laten testen op HIV. Nadat bleek dat ik geen HIV had, zijn we stapje voor stapje weer naar elkaar toegegroeid. Inmiddels hebben we acht kinderen, waarvan we er twee hebben geadopteerd.”

In de minderheid

Voor Germaine en Amini zijn de problemen nog niet voorbij. “Als Congolezen zijn we hier in de minderheid,” vertelt Germaine. “Dit kamp bestaat voor 95% uit Zuid-Sudanezen. Er is een taalprobleem (Congolezen spreken Frans, Red.) en onze kinderen worden door kinderen uit Zuid-Sudan gediscrimineerd op school. Er is geen werk te vinden en naar Congo terug is geen optie omdat het daar nog niet veilig is. We zitten echt gevangen.”

Ik voel me verslagen. “J’espère que tu vas bien,” (ik hoop dat het je goed gaat) is het enige wat ik uit de grond van mijn hart kan zeggen bij ons afscheid.